Berichten

Waarom onderzoek doen naar voeding zo lastig is

Wetenschappelijk onderzoek doen naar voeding is lastig, ingewikkeld en vergt veel geduld. Hoe komt dat eigenlijk? En hoe kun je betrouwbare informatie onderscheiden van onbetrouwbare informatie? Voedingsdeskundige Tessa van Elten legt uit en geeft tips.

Eigenlijk is wetenschappelijk onderzoek naar voeding nog een relatief jong wetenschapsgebied. Met de huidige onderzoekstechnieken en analysetechnieken komen we steeds meer te weten. Maar het is ook een lastig onderwerp om onderzoek naar te doen. Waarom eigenlijk? Want we eten met zijn allen toch de hele dag door? Juist het feit dat mensen allerlei verschillende soorten voedsel en dranken met elkaar combineren, maakt wetenschappelijk onderzoek naar een specifiek voedingsmiddel of voedingsstof lastig. Maar ook andere omgevingsfactoren spelen een rol in de voedingswetenschap en dat maakt het best ingewikkeld.

Totaalpakket aan voeding

Ik zal het toelichten met een voorbeeld. Binnen WOMB project onderzoeken we de relatie tussen voeding en de hart- en vaatgezondheid van vrouwen en kinderen. Het is bekend dat het eten van producten met veel verzadigd vet nadelig is voor onze hart- en vaatgezondheid op de lange termijn. Denk aan snacks, gebak, kokosvet, roomboter en harde of vaste bak- en braadvetten. Maar naast al deze producten met veel verzadigde vetten, eten mensen ook brood, fruit, groente, aardappelen, rijst, couscous, magere yoghurt, halfvolle melk, enzovoorts. We eten dus niet alléén kokosvet of roomboter. En alles wat we binnenkrijgen zorgt juist samen voor een bepaalde verhouding aan vetten, koolhydraten en eiwitten in onze voeding. Daarnaast krijg je tezamen met deze voedingsmiddelen ook vitaminen en mineralen binnen. Hoe slecht voor je gezondheid is het dan wanneer jij voldoende fruit en groente eet, altijd in olijfolie bakt, maar óók roomboter op je brood smeert? Heb je dan een slechtere hart- en vaatgezondheid? We hebben dus te maken met een totaal pakket aan voeding en niet met één enkel product.

Nog veel meer factoren

En stel dat je daarnaast helemaal niet sport? Of juist elke dag een uur fanatiek hardloopt? Of dat je moeder een hoge bloeddruk heeft en je vader een hoog cholesterol? Dat jij zelf rookt, of misschien je partner waardoor je meerookt? Wat is het effect van je voeding op hart- en vaatgezondheid als je al deze factoren meeweegt? De 17 miljoen mensen in Nederland, hebben ook 17 miljoen verschillende leefstijlen en -omstandigheden. We kunnen mensen nu eenmaal niet in een laboratorium zetten en hun leven lang hetzelfde laten eten, om uiteindelijk te bekijken of ze hart- en vaatziekten krijgen. Dat maakt het onderzoek naar de relatie tussen voeding en gezondheid wel extra gecompliceerd.

Onbetrouwbare informatie

Lang niet al het wetenschappelijke onderzoek dat naar voeding en gezondheid wordt gedaan is meteen praktisch toepasbaar in de keuken. Er moeten verschillende goede onderzoeken gedaan worden voordat er betrouwbare conclusies kunnen worden getrokken. En ondertussen hebben we via blogs, websites en social media toegang tot allerlei leuke en interessante informatie over voeding. Uiteraard zit hier best ook betrouwbare informatie tussen, van professionals die weten waar ze het over hebben. Maar er zit ook informatie tussen die meer gebaseerd is op meningen of ervaringen, dan op wetenschappelijk onderzoek en bewijs. Een soort voedings-nepnieuws eigenlijk.

Checken op betrouwbaarheid

Hoe kun je weten of je met onbetrouwbare of betrouwbare informatie te maken hebt? Kijk naar de reputatie van het medium en of er bijvoorbeeld bronnen of doorverwijzingen bij het artikel vermeld staan, of dat er wetenschappelijk onderzoek aangehaald wordt waarop de informatie gebaseerd is. Let ook op of er bijvoorbeeld met professionals binnen het vakgebied is gepraat. En zelfs als het antwoord op al deze vragen positief is, dan nog steeds is het belangrijk om je af te vragen of de informatie betrouwbaar is. Want misschien is er een onderzoek geweest dat beweert dat je van veel kiwi’s eten geen griep krijgt, maar is dit onderzoek wel goed uitgevoerd?

Ga zelf op onderzoek uit

Wil je echt zeker weten of de informatie die je leest juist is, ga dan op onderzoek uit en geloof niet meteen de eerste en de beste uitspraak die gedaan wordt.

Begin dit jaar is de nieuwe Schijf van Vijf uitgekomen. Deze voedingsadviezen zijn gebaseerd op de Richtlijnen Goede Voeding 2015 en samengesteld door de Gezondheidsraad. Dat is een onafhankelijk wetenschappelijk adviesorgaan voor de Nederlandse regering. Bij het samenstellen van de Schijf van Vijf is gekeken naar de huidige stand van zaken op wetenschapsgebied. De conclusies uit deze onderzoeken zijn op een systematische manier beoordeeld en verwerkt tot de nieuwe Richtlijnen Goede Voeding. Door middel van een achtergrond document wordt uitgelegd hoe er tot de richtlijnen gekomen is. Ik durf te stellen dat hier sprake is van wetenschappelijk goed en correct uitgevoerd onderzoek. Duik op deze manier ook eens in de informatie die je online leest: zoek de bijpassende bronnen op, lees achtergrond artikelen. Kortom: ga zelf op onderzoek uit.

Vraag het een professional

Uiteindelijk streven we allemaal naar hetzelfde doel: gezond eten, om zo gezond mogelijk te zijn en te blijven. Een mooi doel, maar wees kritisch op de informatie die je gebruikt. Denk goed na over wat je leest en hoort, en gebruik betrouwbare bronnen om je informatie uit te halen. En bij twijfel over bepaalde adviezen, niet in meegaan, en leg je vragen neer bij een professional.

Waarom duurt (ons) wetenschappelijk onderzoek zo lang? Waar blijven de resultaten?

“WOMB project onderzoekt wat de effecten zijn van een gezondere leefstijl op zwanger worden, zwanger zijn en de gezondheid van het kind.” Dat klinkt lekker kort en simpel, maar is het in de praktijk niet. Vaak krijgen we dan ook de vraag voorgelegd waarom de uitkomsten van (ons) wetenschappelijke onderzoek zo lang op zich laten wachten. In dit artikel probeer ik die vraag te beantwoorden.

Al in het najaar van 2015 stuurden wij deelnemende vrouwen uit eerdere onderzoeken een folder met de vraag of ze wilden deelnemen aan WOMB project. Een groot deel van deze vrouwen reageerde positief op het verzoek. Begin 2016 had het grootste deel van de deelnemers de vragenlijsten ontvangen die nodig zijn om mee te kunnen doen aan het onderzoek. De meeste vrouwen vulden deze vragenlijsten meteen in en stuurden ze naar ons op. Vervolgens was het wachten geblazen op de uitslag. Waarom?

De hele groep

Dat zit zo: deelnemers aan WOMB project mogen hun vragenlijsten invullen tot halverwege 2017. Alle vrouwen krijgen ruim een jaar de tijd om dit te doen. Niet alle deelnemers beginnen namelijk tegelijkertijd aan het deelnemerstraject. Sommigen melden zich pas later aan of willen/kunnen pas later hun lijsten invullen.
Omdat we graag uitkomsten willen hebben die iets zeggen over de gehele groep vrouwen en kinderen die aan WOMB project meedoen en niet over elke persoon individueel, wachten we tot we de gegevens van álle deelnemende vrouwen verzameld hebben. En dat duurt wel even…

Achter de schermen

En dat is niet de enige reden waarom de uitkomsten nog wel even op zich laten wachten. Na het invullen en inleveren van de vragenlijsten gaat voor ons als onderzoekers het werk eigenlijk pas echt beginnen. Alle vragenlijsten zijn dan wel binnen, maar zo’n 35% van de deelnemers heeft een papieren vragenlijst ingevuld. Hun antwoorden moeten eerst allemaal in de computer ingevoerd worden. Daarna controleren we de antwoorden op eventuele fouten en tegenstrijdigheden. Heeft iemand bijvoorbeeld eerst ingevuld nooit te hebben gerookt en verderop ingevuld dat ze op haar 25ste is gestopt met roken? Dan moet deze fout eruit worden gehaald. Dit heet het opschonen van de gegevens en dat kost veel tijd.

Gegevens analyseren

Na het verzamelen en opschonen, volgt het meest spannende onderdeel van het onderzoek: we gaan de gegevens analyseren. Alle onderzoeksgegevens staan in een groot bestand bij elkaar, en we kunnen nu gaan combineren en rekenen om tot de uitslag te komen. Dit gaat samen met veel wikken en wegen, nadenken en overleggen. Wat betekenen de resultaten, hoe verwerken we alle gegevens zo precies mogelijk. En als laatste, hoe gaan we dit goed en kloppend opschrijven?

Wetenschappelijk tijdschrift

Een belangrijk doel van wetenschappelijk onderzoek doen, is het delen van de kennis die je hebt verzameld. Dit delen doe je onder andere door de resultaten op te schrijven in een artikel, dat vervolgens gepubliceerd wordt in een wetenschappelijk tijdschrift. Ook dit proces kost tijd.
We schrijven met verschillende onderzoekers aan het artikel en overleggen regelmatig met elkaar over de tekst. Wetenschappers schrijven vaak verschillende versies voordat ze een definitief artikel hebben om op te sturen naar een wetenschappelijk tijdschrift.

Gespecialiseerde redactie

Nadat we het artikel opgestuurd hebben, kijken op de redactie van het wetenschappelijke tijdschrift gespecialiseerde wetenschappers er kritisch naar; is het onderzoek correct uitgevoerd, zijn de gegevens op een juiste manier bekeken, worden de resultaten duidelijk opgeschreven en reflecteren de onderzoekers kritisch op hun eigen resultaten? Als het artikel er echt helemaal klaar voor is, wordt het uiteindelijk gepubliceerd in een wetenschappelijk tijdschrift.

Betrouwbaarheid kost tijd

Pas nadat al deze stappen zijn doorlopen kunnen de deelnemers van WOMB project de resultaten wereldkundig maken. Dus heb je de vragenlijst in het begin van 2016 al netjes ingevuld? Dan het kan zomaar zijn dat je pas in 2018 wat te horen krijgt over de onderzoeksresultaten. Al die tijd zijn we dus achter de schermen druk bezig geweest. Zo kort als die ene zin ons onderzoek samenvat, zo veel meer tijd is er nodig om tot een goed onderzocht resultaat te komen. Helaas, het is niet anders. Maar als serieuze wetenschappers wil je betrouwbaar onderzoek doen en dat kost nu eenmaal tijd.

Voor alle deelnemers daarom een welgemeend: bedankt voor jullie geduld!