Berichten

Onderzoek: succesfactoren in het veranderen van leefstijl

WOMB-onderzoeker Matty Karsten deed onderzoek naar factoren die bepalend zijn in al dan niet succesvol verbeteren van leefstijl. In  dit onderzoek is er gekeken of er specifieke factoren bestaan die verklaren welke vrouwen succesvol zijn in het veranderen van hun leefstijl. Het onderzoek is uitgevoerd onder een groep vrouwen die ernstig overgewicht hadden en moeilijk zwanger konden worden (subfertiel). Alle vrouwen hadden meegedaan aan een leefstijlbegeleidingstraject van zes maanden om gezonder te gaan eten, meer te gaan bewegen en af te vallen. Alle vrouwen probeerden zwanger te worden en het leefstijlbegeleidingstraject werd gestart voorafgaand aan de zwangerschap. 

Tijdens het onderzoek is gekeken naar verschillende biologische-, fysieke-, psychologische-, demografische- en gedragsfactoren. In het onderzoek is er naar verschillende uitkomsten gekeken:

  • Succesvol gewichtsverlies tijdens het leefstijlbegeleidingstraject (meer dan 5% van hun aanvankelijke lichaamsgewicht)
  • Mate van gewichtsverlies
  • Energie-inname
  • Hoeveelheid lichaamsbeweging
  • Het al dan niet succesvol afronden van het leefstijlbegeleidingstraject

Dit leidde tot de volgende conclusies:

  • Vrouwen die hoger scoorden op extern eetgedrag, wat kan worden uitgelegd als eten in reactie op externe prikkels zoals het zien en ruiken van voedsel, hadden een grotere kans om succesvol gewicht te verliezen tijdens het leefstijlbegeleidingstraject.
  • Vrouwen die in het verleden al een diëtist hadden bezocht, verloren tijdens het  leefstijlbegeleidingstraject minder gewicht (0.94 kilogram) dan vrouwen die nog nooit een diëtist hadden bezocht. Het kan zijn dat deze vrouwen te weinig extra aanknopingspunten kregen tijdens het leefstijlbegeleidingstraject bovenop de adviezen die zij al eerder hadden gehad om hun leefstijl daadwerkelijk aan te passen. Ook kan het zijn dat er bij deze vrouwen andere onderliggende factoren meespeelden, zoals een laag zelfbeeld, gebrek aan motivatie of een traumatische voorgeschiedenis, en dat deze vrouwen daarom behoefte hebben aan een ander type leefstijlbegeleidingstraject.
  • Verder hadden vrouwen met hogere self-efficacy, de mate van zelfvertrouwen waarover iemand beschikt bij de inschatting of een bepaalde taak tot een goed einde komt, een lagere energie-inname in vergelijking met vrouwen die een lagere self-efficacy hadden.
  • Vrouwen met een oudere partner hadden een hogere energie-inname, dit resultaat was niet geheel te verklaren, maar zou kunnen worden verklaard doordat vrouwen en hun partners vaak dezelfde soort leefstijlgewoonten aanhouden en hoe vergelijkbaar partners zijn in hun leefstijl verschilt vaak per leeftijdsgroep.
  • Verder zagen de onderzoekers dat vrouwen die al meer voorbereidend gedrag vertoonden om hun bewegingspatroon aan te passen ook daadwerkelijk meer bewogen tijdens het leefstijlbegeleidingstraject dan vrouwen die dit gedrag niet vertoonden.
  • Tot slot zagen ze dat vrouwen die al  die al meer voorbereidend gedrag vertoonden om gewicht te verliezen, ook het leefstijlbegeleidingstraject vaker af maakten en niet uitvielen.

Uit verder onderzoek zal moeten blijken of de gevonden factoren ook in ander onderzoeken  kunnen worden bevestigd. Het onderzoek kan op termijn bijdragen om meer ‘op maat gemaakte oplossingen’ aan te kunnen bieden voor vrouwen die deelnemen aan leefstijlbegeleidingstrajecten.

Het artikel is gepubliceerd in de European Journal of Nutrition en is via de volgende link te lezen: https://link.springer.com/content/pdf/10.1007%2Fs00394-018-1798-7.pdf

Onderzoek: meer seks en betere vaginale vochtigheid na leefstijlverbetering

Een gezonde leefstijl blijkt niet alleen goed om overgewicht tegen te gaan en allerlei ziekten te voorkomen, maar zorgt ook voor een betere seksuele gezondheid. Dat blijkt uit onderzoek van WOMB project-wetenschappers Vincent Wekker en Matty Karsten. Vrouwen met ernstig overgewicht die onder begeleiding meer bewogen, gezonder gingen eten en gewicht kwijtraakten, hadden daarna vaker seks en een betere vaginale vochtigheid. Deze positieve effecten waren vijf jaar later nog aanwezig. De bevindingen van Wekker en Karsten zijn gepubliceerd in het wetenschappelijke magazine PLOS One.

Achtergrond van het onderzoek:

Ernstig overgewicht (obesitas) en onvruchtbaarheid hebben een negatief effect op seksuele gezondheid. We hebben in een eerder onderzoek aangetoond dat een leefstijlbegeleidingstraject, bij vrouwen die een onvervulde kinderwens hebben en kampen met obesitas, leidt tot gewichtsverlies. Als gevolg van het gewichtsverlies verbeterde daarnaast ook de hart- en vaat gezondheid en de kwaliteit van leven van deze vrouwen. Doordat deze factoren allemaal samenhangen met de seksuele gezondheid, wilden wij onderzoeken of een leefstijlbegeleidingstraject de seksuele gezondheid zou verbeteren bij vrouwen met obesitas en een onvervulde kinderwens.

Hoe werd het onderzoek uitgevoerd?

In totaal werden 577 vrouwen, tussen de 18 en 39 jaar oud, met vruchtbaarheidsproblemen en een Body Mass Index ≥29 kg/m2 verdeeld over twee gelijke groepen. De interventie groep kreeg een leefstijlbegeleidingstraject aangeboden van 6 maanden, alvorens te starten met vruchtbaarheidsbehandelingen om zwanger te worden. Het leefstijlbegeleidingstraject was gericht op afvallen door middel van meer bewegen en gezonder eten. De controle groep, kreeg geen leefstijlbegeleiding, maar kon direct starten met vruchtbaarheidsbehandelingen. Vijf jaar later vroegen wij de vrouwen gevraagd of zij een vragenlijst wilde invullen over hun seksuele gezondheid. Uiteindelijk wilden 84 vrouwen uit de leefstijlbegeleidingsgroep en 93 vrouwen uit de controlegroep deze vragenlijst invullen.

Wat kwam er uit het onderzoek?

De vrouwen in de leefstijlbegeleidingsgroep gaven aan dat ze in de afgelopen 4 weken vaker geslachtsgemeenschap hadden gehad dan de vrouwen in de controlegroep. Ook gaven zij aan een betere vochtigheid te ervaren tijdens geslachtsgemeenschap en scoorden zij een hoger aantal punten op hun algehele seksuele gezondheid op basis van de volledige vragenlijst.  Seksuele interesse, seksuele tevredenheid, orgasme en tevredenheid met hun intieme partner verschilden niet tussen de groepen. In een uitgebreidere analyse van de resultaten werd gevonden dat ongeveer 21% van het verschil in seksuele gezondheid tussen beiden groepen werd veroorzaakt door het feit dat vrouwen die de leefstijlbegeleiding ondergingen lichamelijk actiever waren.

Wat is de conclusie van het onderzoek?

Vrouwen met obesitas en een onvervulde kinderwens die een leefstijlbegeleidingstraject van zes maanden ondergaan hebben vijf jaar later vaker geslachtsgemeenschap, ervaren een betere vaginale vochtigheid en scoren hoger op hun algehele seksuele gezondheid op basis van de volledige vragenlijst.

Het onderzoek is onlangs in het wetenschappelijke tijdschrift PLOS ONE gepubliceerd en is volledig te lezen (Engels) door hier te klikken.

WOMB project publicatie: ‘Kinderwens motiveert vrouwen met overgewicht gezond te leven’

Het onder begeleiding verbeteren van de leefstijl van vrouwen met overgewicht en een kinderwens heeft positieve gevolgen voor hart- en vaten. Dit blijkt uit een onderzoek uitgevoerd door het AMC in Amsterdam en het UMCG in Groningen, dat vorige week is verschenen in het Amerikaanse wetenschappelijke tijdschrift PLOS ONE.

Vrouwen die leefstijlbegeleiding krijgen, voelen zich daarnaast beter en worden vaker op de natuurlijke manier zwanger. De onderzoekers verwachten dat deze veranderingen ook op langere termijn een positieve invloed hebben op de gezondheid van de vrouwen en hun toekomstige kinderen.

Motivatie groter

Vrouwen kregen zes maanden lang leefstijlbegeleiding om het voedings- en bewegingspatroon te verbeteren. Dit leidde tot gewichtsverlies, een lagere bloeddruk en minder suiker in het bloed. Onderzoekers Vincent Wekker (AMC) en Lotte van Dammen (UMCG): “Wij denken dat een vurige kinderwens de motivatie vergroot om gezonder te gaan leven. Wanneer we deze vrouwen professioneel begeleiden, zien we veel positieve effecten op de gezondheid en het welbevinden, ook al gaat het ‘maar’ om enkele kilogrammen gewichtsafname. Een kinderwens lijkt een goede aanleiding voor vrouwen om de leefstijl en daarmee hun gezondheid, kwaliteit van leven en vruchtbaarheid te verbeteren.”

Onderzoekers Vincent Wekker en Lotte van Dammen

Metabool syndroom

De onderzoekers keken ook naar het voorkomen van het metabool syndroom. Dit syndroom wordt vastgesteld aan de hand van de hoeveelheid buikvet, de bloeddruk en het gehalte van vetten en suiker in het bloed. Dit syndroom vergroot de kans op het krijgen van hart- en vaatziekten. Vrouwen die begeleid werden om hun leefstijl te verbeteren hadden na de studie  ongeveer 30 procent minder kans op dit syndroom in vergelijking met de vrouwen die deze begeleiding niet kregen.

Langere termijn

Het onderzoek werd uitgevoerd in 23 verschillende ziekenhuizen bij 577 vrouwen verspreid door heel Nederland. Zij werden willekeurig verdeeld over twee groepen: één groep kreeg begeleiding om gezonder te eten en meer te bewegen, de andere groep kreeg dat niet. De onderzoekers verwachten dat de leefstijlverandering ook op de lange termijn positieve gevolgen heeft en dat de zwangerschap van een gezondere vrouw leidt tot gezondere kinderen. Om dit te onderzoeken zijn vrouwen en hun eventuele kinderen uitgenodigd voor vervolgonderzoek binnen het WOMB-project. De onderzoekers verwachten de resultaten medio 2018 te presenteren.

Dit onderzoek werd mogelijk gemaakt door subsidie van ZonMw, de Nederlandse Hartstichting en de Europese Commissie en is uitgevoerd in samenwerking met het NVOG.AMC en DC Klinieken bundelen krachten met nieuwe hiv-poli.

Het wetenschappelijke artikel is te vinden via deze link:
http://journals.plos.org/plosone/article?id=10.1371/journal.pone.0190662

 

 

Waarom artsen meer over voeding en leefstijl moeten leren

Onze welvaartswereld kampt met welvaartsziektes. In een internationaal wetenschappelijk tijdschrift stonden recentelijk de laatste cijfers over overgewicht onder de wereldbevolking en de consequenties daarvan op gezondheidsniveau. Een schokkend cijfer van 12% van de volwassenen kampte in 2015 met ernstig overgewicht. En dat percentage lijkt alleen maar verder toe te nemen.

Lees meer

Help mijn kind is te zwaar! En nu?

Helaas hebben steeds meer kinderen (ernstig) overgewicht. Wat kun je nu als ouder het beste doen als je kind te zwaar is? Waar begin je? Wat is slim en wat juist niet? Arts-onderzoeker Stijn Mintjens geeft antwoord op dringende vragen.

Lees meer

2016-04-04 Leefstijl vrouwen volhouden1

Waarom onderzoek naar gezonde leefstijl juist bij vrouwen zo belangrijk is

Het aantal mensen met overgewicht neemt wereldwijd toe, terwijl het aantal mensen met extreem ondergewicht afneemt. Dat laatste is natuurlijk goed nieuws, maar het snel toenemende aantal mensen dat lijdt aan de gevolgen van overvoeding is zorgwekkend. WOMB zoekt naar antwoorden op de vraag hoe we het tij kunnen keren. Wij denken dat de vrouw hierbij een sleutelrol vervult.

Voor het eerst in de geschiedenis van de wereld zijn er meer mensen die lijden aan de gevolgen van overvoeding dan die van ondervoeding. Dat schreef het gezaghebbende Britse medische tijdschrift The Lancet recentelijk. Niet helemaal toevallig werd er diezelfde week ook bij de Nederlandse Hartstichting gepraat over de problemen die overvoeding met zich meebrengt. Doordat onze leefstijl is veranderd – we bewegen minder en eten meer – vormt overgewicht en de gevolgen daarvan voor de gezondheid een steeds groter probleem. Daarom roept de Hartstichting samen met ZON MW-wetenschappers [http://www.zonmw.nl/nl/over-zonmw/over-zonmw/] op om nieuwe manieren te bedenken om een gezonde leefstijl lang vol te houden. De meeste mensen weten namelijk wel dat ze meer zouden moeten bewegen en minder moeten eten, maar het blijkt in de praktijk makkelijker gezegd dan gedaan.

Nieuwe inzichten krijgen

In het Lifestyle onderzoek (de voorloper van  WOMB project) werden vrouwen met overgewicht ingedeeld in twee groepen. De ene groep kreeg leefstijlbegeleiding, de andere niet. In de groep die wél begeleiding kreeg, lukte het sommige vrouwen heel goed om met het coachingsprogramma hun leefstijl te veranderen. Maar bij anderen lukte het veel minder goed, of soms zelfs helemaal niet. Dit onderzoek geeft ons een mooie kans om kennis op te doen en nieuwe inzichten te krijgen. ‘Onze’ groep vrouwen kan ons iets leren over wat het succes van een leefstijlbegeleidingsprogramma bepaalt.

Nader onderzoek nodig

Daarom gaan wij met de WOMB project-groep nader onderzoeken welke factoren bepalen waarom het de ene vrouw wel lukt om in een begeleidingsprogramma haar leefstijl te veranderen en de andere vrouw niet, of minder goed. Tot nu toe is daar weinig over bekend. Ik verwacht dat als we daar meer over weten, we belangrijke stappen kunnen zetten om de leefstijl te verbeteren en daarmee de problemen rondom overgewicht verminderen.

Hele gezin profiteert

Waarom is het beperken van overvoeding en goede voorlichting over een gezondere leefstijl juist bij vrouwen zo belangrijk? Het antwoord is simpel: ondanks de emancipatie bepalen vrouwen nog steeds grotendeels wat het gezin eet. Als vrouwen dus gezonder gaan leven, profiteert het hele gezin daarvan mee. Daarbij komt dat vrouwen met een kinderwens een heel goed argument hebben om hun leefstijl te veranderen: ze doen het niet voor de lijn, ze doen het niet alleen voor zichzelf, maar ze doen het voor een goede start van hun kind! Elke ouder wil het beste voor zijn kind. Daarom zijn de programma’s voor het veranderen van leefstijl gericht op vrouwen die zwanger willen worden ook zo veelbelovend.

Twee generaties

Interessant daarbij is ook dat voedingsvoorkeur van een kind al wordt vastgelegd voor de geboorte. Proefjes met wortels hebben laten zien dat kinderen van moeders die veel wortels aten tijdens de zwangerschap vlak na de geboorte de smaak van wortels al herkenden. Ook aten ze meer van hun eerste wortelhapjes dan kinderen van moeders die geen wortels aten tijdens de zwangerschap. Dus als we vrouwen kunnen helpen al voordat ze zwanger worden een gezonde leefstijl aan te leren, dan helpen we daarmee twee generaties, en hoeven we in de toekomst geen ongezonde leefstijl meer af te leren.